Burn-out belicht

De belangrijkste symptomen van een burn-out zijn uitputting, emotionele distantie en competentie-twijfel. Vaak allen verbonden aan werk. Niet enkel het individu is verantwoordelijk voor de burn-out of juist alleen de werkomgeving met zijn negatieve invloed, maar een burn-out reflecteert een disfunctionele relatie tussen mensen en hun werk.

De werkomgeving bepaald hoe mensen omgaan met elkaar en hoe ze hun werkzaamheden uitvoeren. Als de werkplek de menselijk kant van het werk niet (h)erkent en als er enorme verschillen zijn tussen de aard van de werkzaamheden en de eigenlijke natuur van mensen, dan zal er een groter risico zijn op het ontstaan van een burn-out.

Zowel de persoon als de organisatie lijden onder een burn-out. Persoonlijk ervaart men een slechte(re) gezondheid en lijd het prive-leven eronder. Maar ook de organisatie heeft te maken met minimale prestaties, minimale productie kwaliteit en minimale standaarden van werken. In plaats van een prestatie naar beste kunnen. Men maakt meer fouten, wordt minder zorgvuldig en heeft minder creativiteit voor het oplossen van problemen. Er is minder commitment en men is minder bereid tot extra meters om een werkelijk verschil te maken.

Een burnout is gerelateerd aan de volgende zes gebieden, waarin een disfunctionele relatie met werk kan ontstaan:

Werkbelasting: de werkbelasting is te hoog, er is te weinig tijd en er zijn onvoldoende hulpbronnen.

Controle: te weinig controle en invloed ervaren. Vooral actief zijn op het gebied van micromanagement, waarbij men zich verantwoordelijk voelt zonder echte beslissingsbevoegdheid. Men ervaart een gebrek aan invloed.

Beloning: onvoldoende beloning ervaren. Zoals niet genoeg geld verdienen of geen beloningsstructuur, onvoldoende plezier in werk ervaren of waardering van collega’s of de gemeenschap die gediend wordt.

Gemeenschap: te weinig ondersteundende interactie of persoonlijke vriendschappen op het werk.

Rechtvaardigheid: de werkomgeving is in de beleving van de werknemer niet rechtvaardig, zo kan er sprake zijn van discriminatie, vriendjespolitiek, machtsmisbruik.

Waarden: persoonlijke ethische waarden corresponderen niet meer met de uitoefening van het werk. Op basis van een spanning tussen idealisme en pragmatisme ofwel de realiteit van alledag, is sprake van een ethisch conflict met verlies van betekenisgeving.  

Het omkeren van een burn-out vraagt inspanning van zowel de organisatie als het individu, om zodoende beide weer synchroon met elkaar te laten lopen. Het is belangrijk te onderzoeken voor zowel individu als organisatie waar de oorzaak van de mis-match ligt. Het herstel van een burn-out gaat gepaard met het bouwen aan het tegenovergestelde van een burn-out, namelijk het (gezamenlijk) bouwen aan betrokkenheid, enthousiasme, compassie en persoonlijke effectiviteit. Dit is een verantwoordelijkheid van het individu als ook de organisatie.

Een goed begrip van burn-out en de dynamiek daarvan en wat de doen om daarvan te herstellen, is daarom een belangrijk onderdeel om de vlam van toewijding jegens elkaar brandende te houden.